Wat is het verschil tussen Ballroom en Latijns-Amerikaanse dans?

Heel vaak willen mensen leren dansen, maar vinden het moeilijk om het soort dans te kiezen. De duizenden cursussen maken de keuze niet makkelijker. Als je, bijvoorbeeld, tango wilt dansen, kies je dan voor Argentijnse of Ballroom tango? En wat is eigenlijk het verschil tussen de twee? Alle Latijnse dansen, zoals cha-cha, rumba, paso doble, samba, en jive, hebben ook “straat” equivalenten, vaak is het niet zo makkelijk om van tevoren te weten, of de dans die je leert in een balzaal of in een club gedanst wordt. Hieronder vind je een kleine instructie die je hopelijk gaat helpen om jouw favorietste soort dans te kiezen en te herkennen.

Algemene verschillen

Internationale balzaal omvat 10 dansen. De vijf dansen van standaard balzaal zijn wals, foxtrot, tango, quickstep en Weense wals. De vijf Latijns-Amerikaanse stijldansen zijn cha-cha, rumba, paso doble, samba en jive. Er zijn straatstijlen van cha cha, rumba, tango en samba, en dat is een heel ander onderwerp. Echter, als een partnerdans in een dansstudio of balzaal wordt gegeven betekent dat nog niet dat het een stijldans is.

Het belangrijkste stilistische verschil tussen wedstrijddansen en sociaal dansen is dat het eerste gechoreografeerd is en de andere freestyle en sociaal. Dat betekent dat een sociale dans, of het salsa, cha-cha of tango is, niet gechoreografeerd is maar geïmproviseerd. Daarom zie je met sociaal dansen meestal geen gekke acrobatiek, spintricks, worpen, dramatische dalen of iets anders dat een ernstig verwondingsgevaar oplevert. Die trucs vereisen veel repetitie en vertrouwen in je partner, en mogen nooit gedaan worden met enige mate van dronkenschap. Verder kan je tijdens het sociale dansen heel veel verschillende dingen zien, afhankelijk van de stijl, de muziek en de mensen die dansen - het is helemaal vrij. Vaak gaan mensen ook terug naar de basisstappen, omdat sociaal dansen een gesprek is en soms moet je kalibreren om elkaar weer te kunnen “horen”.

Leiders en volgers

Vanwege het feit dat stijldansen altijd gechoreografeerd is, hebben allebei de dansers van een koppel vergelijkbare rollen en verantwoordelijkheden. Er is natuurlijk altijd een “leider” en een “volger”, maar de leider maakt geen beslissingen, en de volger doet ook alleen de bewegingen de zij (of hij) van tevoren heeft geoefend.

In het sociaal dansen is dat helemaal anders. De leider is diegene die beslist wat voor beweging het koppel gaat doen. Verder moet hij zijn deel van de beweging uitvoeren, en nog belangrijker – hij moet tegen de volger communiceren wat hij van plan is en wat hij van zijn partner verwacht. De communicatie gaat natuurlijk niet met woorden maar met dansstappen, bewegingen, gewichtsveranderingen en veel andere kleine tips. Een volger moet dus goed kunnen “luisteren” en begrijpen wat een leider wil zeggen. Het grote voordeel van sociaal dansen is dat als je de basis van een dans weet, en de basistappen kan uitvoeren, kan je in principe al met iedereen dansen, niet alleen met je bekende partner. Tijdens de lessen wordt er ook vaak van partner gewisseld, zodat de leiders hun ideeën met verschillende volgers kunnen communiceren en de volgers naar verschillende leiders kunnen luisteren en ze kunnen verstaan.